Uitgestrekte polderlandschappen
Het landschap boven het IJ bestaat uit uitgestrekte polders, oude dorpen, en in de lente kleurrijke bloembollenvelden. Samen met de brede duinenrij en de stille natuurgebieden vormt het een prima bestemming voor een fiets- of wandeltocht. De bovenste helft van Noord-Holland wordt aan alle kanten omsloten door water.
De zuidgrens wordt gevormd door het IJ en het Noordzeekanaal en in het westen houden een brede duinenrij en de Hondsbosse Zeewering de Noordzee tegen. Aan de noordzijde ligt de Waddenzee met het eiland Texel en aan de oostzijde beschermen zware dijken het land tegen het water van het IJsselmeer. Oude kaarten laten zien dat Noord-Holland in de Middeleeuwen bestond uit een bont patroon van water en land.
Grote, onstuimige meren als de Schermer, de Purmer en de Beemster stonden in open verbinding met de Zuiderzee (het huidige IJsselmeer). In de 16e eeuw werden de eerste natte gebieden drooggelegd. Dat deed men door eerst dijken op te werpen en dan ontwateringsloten te graven. In de eeuwen daarna volgden grotere en diepere waterpartijen, waarna uitgestrekte polderlandschappen ontstonden.
Geschiedenis
De watersporters komen in Noord-Holland zeker aan hun trekken. Meren en plassen liggen overal verspreid en vanuit historische havensteden als Hoorn, Medemblik en Enkhuizen zijn prachtige tochten te maken over het IJsselmeer. Voor de liefhebbers van zon, zee en zand zijn er kilometerslange stranden langs de Noordzeekust en op het populaire vakantie-eiland Texel.