Indrukwekkende bergpracht
Tussen de Luganer en de Bergamasker Alpen heeft dit meer het karakter van een Noors fjord. In de IJstijd werd het gletsjerdal van de rivier de Adda langzaam maar zeker gevuld met koel water. Er ging nogal wat in want het Comomeer is het diepste van alle Italiaanse Alpenmeren. Er zijn metingen gedaan van 410 meter. Het Lago di Como strekt zich zo’n 50 kilometer uit en heeft een maximale breedte van 4 km. Van de twee armen (de vork) is vooral de zuidwestelijke benut door de rijken die hier fraaie buitenhuizen lieten optrekken. Dit is dé toeristische kant van het meer van Como. De zuidoostelijke tak is iets minder koket maar allebei zijn ze wel indrukwekkend door de massieve bergpracht, de flanken begroeid met notenbomen en kastanjes, hellingen die soms vrij steil langs de oevers omhoog komen. Het hoogste punt bij het Comomeer is de Monte Legnone, die meer dan 2600 m rijst.
Veel vakantieplaatsen
Een van de mooiste meren van Italië kunt u natuurlijk met rondvaartboten verkennen. U komt dan voorbij vermaarde vakantieplaatsen zoals Bellagio waar de twee zuidelijke takken van het meer beginnen. Ook Cadenabbla en Cernobbio zijn zeer aantrekkelijk. Tremezzo is een van de topplaatsen aan het meer. Overal verschijnen aan de oever schitterende villa’s zoals de bezienswaardige Villa Carlotta van Tremezzo. De weelderige tuinen maken de oevers ‘af’. De grote kern Como is beroemd om de Duomo. Wie hier aan de zuidoostpunt van het meer is aangekomen, rijdt natuurlijk door naar het nabije Milaan met zijn overdekte galerij, een nog mooiere gotische kathedraal, topmusea en zeer elegante winkels. Rond het meer bevinden zich natuurparken die verleiden tot lange wandelingen.